O.L.V. Visitatiekerk in Oosterblokker, katholieke kerk uit 1845
OOSTERBLOKKER – De rooms-katholieke O.L.V. Visitatiekerk in Oosterblokker sluit eind 2026 definitief. Daarmee komt een einde aan een geschiedenis die teruggaat tot 1845. De kerk maakt deel uit van de parochie Heilige Matteüs, die het gebouw afstoot vanwege het sterk teruggelopen kerkbezoek en de kosten die samenhangen met het in stand houden van meerdere kerkgebouwen.
De sluiting staat niet op zichzelf. In verschillende plaatsen in West-Friesland verdwijnen rooms-katholieke kerken als zelfstandige parochiekerk. Ook in Andijk, Onderdijk en Wervershoof zijn de afgelopen jaren besluiten genomen om kerkgebouwen af te stoten.
Kerk Oosterblokker gebouwd in 1845
De O.L.V. Visitatiekerk aan de Oosterblokker dateert uit 1845-1846. Het gebouw werd ontworpen door architect Theo Molkenboer en geldt als een gemeentelijk monument. De kerk maakt deel uit van een reeks katholieke kerkgebouwen die Molkenboer in de negentiende eeuw in West-Friesland ontwierp.
De kerk vormde gedurende generaties een belangrijk onderdeel van het dorpsleven. De parochie Heilige Matteüs omvat momenteel de katholieke geloofsgemeenschappen van onder meer Hoorn, Oosterblokker, Westwoud en Zwaag. Op de website van de parochie staat de O.L.V. Visitatiekerk nog als een van de locaties vermeld.
Aan het einde van 2026 verandert dat. Door het afnemende aantal kerkgangers is het steeds moeilijker om de kerk als reguliere vieringslocatie open te houden.
Ook kerken in Andijk, Onderdijk en Wervershoof afgestoten
De ontwikkeling is ook zichtbaar in het westelijke deel van de gemeente Medemblik. De rooms-katholieke parochie Sint Titus Brandsma, ontstaan uit de voormalige parochies van Medemblik, Wervershoof, Andijk en Onderdijk, heeft besloten de kerkgebouwen in Wervershoof, Andijk en Onderdijk af te stoten.
Het gaat om de kerk aan de Dorpsstraat in Wervershoof, de kerk aan de Nes in Onderdijk en de kerk aan de Bangert in Andijk. De gebouwen zijn inmiddels voor verkoop aangeboden. Voor de panden wordt onder meer gekeken naar mogelijkheden voor woningbouw en andere vormen van herontwikkeling.
De verkoop verloopt niet overal even snel. Begin 2026 werd gemeld dat het proces meerdere jaren kan duren. Volgens het parochiebestuur zijn de gebouwen financieel niet langer haalbaar om allemaal als kerk te behouden. Ook achterstallig onderhoud speelt een belangrijke rol.
Voor Wervershoof was de onderhoudsopgave omvangrijk. Eerder werd nog geld ingezameld voor werkzaamheden aan het kerkgebouw, maar dat bleek onvoldoende om de structurele kosten voor de toekomst weg te nemen.
Medemblik aangewezen als belangrijk kerkelijk centrum
In 2023 werd besloten om de Sint-Martinuskerk in Medemblik aan te wijzen als liturgisch centrum voor de regio. Daarmee werd duidelijk dat niet alle bestaande kerkgebouwen binnen de voormalige parochieregio hun oorspronkelijke functie konden behouden.
De keuze voor Medemblik leidde destijds tot teleurstelling in onder meer Wervershoof, Andijk en Onderdijk. Voor inwoners van die dorpen betekende de concentratie van de vieringen dat voor belangrijke diensten vaker naar Medemblik moest worden gereisd.
De keuze hing niet alleen samen met het aantal kerkgangers. Ook de technische staat van gebouwen en de financiële gevolgen van onderhoud spelen een rol. De Martinuskerk in Medemblik verkeert volgens de parochie in een betere technische staat dan de andere kerken in de regio.
Minder kerkgangers, hogere kosten
De achterliggende ontwikkeling is breder dan afzonderlijke kerkbesluiten. Rooms-katholieke parochies hebben te maken met een afnemend aantal actieve kerkgangers, terwijl de kosten voor onderhoud, energie, verzekering en restauratie van grote historische gebouwen blijven bestaan.
Een kerk die nog maar door een relatief kleine groep wordt gebruikt, kan daardoor financieel zwaar drukken op een parochie. Zeker wanneer meerdere gebouwen tegelijkertijd onderhoud nodig hebben.
Ook in andere delen van West-Friesland heeft dit geleid tot plannen voor sluiting of verkoop. In 2025 werd gemeld dat het bisdom in de regio achttien gebedshuizen had aangewezen die geheel of gedeeltelijk moesten worden afgestoten; acht daarvan zouden op relatief korte termijn in de verkoop komen. Als belangrijkste oorzaken werden het teruglopende kerkbezoek en oplopende kosten genoemd.
Niet iedere kerk verdwijnt als gebouw
Een kerkelijke sluiting betekent niet automatisch dat het gebouw wordt gesloopt. De gebouwen in Andijk, Onderdijk en Wervershoof worden juist verkocht met het oog op een mogelijke nieuwe bestemming. In Andijk wordt bijvoorbeeld gekeken naar seniorenwoningen. Voor Wervershoof wordt gesproken over appartementen en mogelijk ruimte voor kleinschalige voorzieningen.
Daarmee verschuift de betekenis van sommige kerkgebouwen van religieuze ontmoetingsplaats naar monument, woongebouw of maatschappelijke voorziening.
Dat levert tegelijkertijd een nieuwe uitdaging op. Historische kerkgebouwen zijn vaak beeldbepalend voor dorpen en hebben grote ruimtelijke en cultuurhistorische waarde. Een nieuwe eigenaar moet daarom rekening houden met de monumentale kwaliteiten van het gebouw.
Toekomst van de katholieke kerk in West-Friesland
De katholieke kerk in West-Friesland lijkt daarmee toe te groeien naar een kleiner aantal centrale vieringslocaties. In plaats van iedere dorpskern een eigen kerk te laten onderhouden, worden gemeenschappen en vieringen steeds meer samengebracht.
Dat betekent niet dat de katholieke geloofsgemeenschap uit de dorpen verdwijnt. Vieringen, uitvaarten, huwelijken en andere activiteiten kunnen op verschillende plaatsen blijven plaatsvinden, maar niet noodzakelijk meer in een eigen parochiekerk.
Voor de parochies ligt de toekomstige opgave daarom niet alleen bij het verkopen van gebouwen. Ook de vraag hoe katholieke gemeenschappen in de dorpen actief kunnen blijven, wordt belangrijker.
De sluiting van de O.L.V. Visitatiekerk in Oosterblokker is in dat opzicht meer dan het einde van een kerkgebouw. Het markeert een volgende fase in een ontwikkeling waarbij de katholieke kerk in West-Friesland haar organisatie, gebouwen en vieringslocaties aanpast aan een kleiner wordende achterban.
Voor Oosterblokker betekent het tegelijkertijd het einde van een kerkelijke geschiedenis die met de bouw van de kerk in 1845 begon en ruim 180 jaar onderdeel was van het dorpsleven.

