ZWAAG – De gewichtsbeperking die vanaf 21 oktober op de Houtribdijk tussen Enkhuizen en Lelystad gaat gelden, dreigt grote gevolgen te krijgen voor transportbedrijven in Noord-Holland. SVZ Transport maakt honderden keren per week gebruik van de belangrijke verbinding. Directeur en eigenaar Rober van Straalen verwacht fors hogere kosten, langere reistijden en heeft naar schatting twintig extra vrachtwagens per dag nodig om dezelfde transportcapaciteit te behouden.
Vanaf woensdag 21 oktober 2026 geldt op de Markerwaarddijk, zoals de N307 officieel heet, een maximaal voertuiggewicht van 15 ton. Daarnaast wordt een maximale aslast van 7,3 ton ingesteld. Daardoor kunnen de meeste zware vrachtwagens niet langer over de bruggen bij de Houtribsluizen in Lelystad rijden. Personenauto’s, hulpdiensten, bestelbussen en andere toegestane voertuigen kunnen de verbinding wel blijven gebruiken.
Honderden vrachtwagens per week
Voor SVZ Transport heeft de maatregel grote consequenties. Het bedrijf gebruikt de Houtribdijk intensief voor vervoer vanuit Noord-Holland richting Flevoland en verder naar het noorden en oosten van Nederland.
Volgens Van Straalen rijden voertuigen van SVZ gemiddeld 500 tot 800 keer per week over de dijk. Wanneer deze ritten via alternatieve routes moeten worden uitgevoerd, nemen zowel de afstand als de reistijd aanzienlijk toe.
De route via Amsterdam kost volgens de transportondernemer in de praktijk ongeveer 45 minuten tot een uur extra per rit. Omrijden via de Afsluitdijk betekent eveneens aanzienlijk meer kilometers.
Voor transporteurs uit West-Friesland is de Houtribdijk juist een belangrijke rechtstreekse verbinding met Flevoland en Oost-Nederland. Zodra zwaar verkeer daar niet meer terechtkan, blijven hoofdzakelijk routes via Amsterdam of de Afsluitdijk over.
Twintig extra vrachtwagens per dag nodig
De gevolgen beperken zich volgens Van Straalen niet tot extra brandstofverbruik. Langere routes betekenen ook hogere personeelskosten, meer slijtage van vrachtwagens en minder productieve uren per voertuig.
SVZ verwacht op basis van de huidige vervoersvolumes ongeveer twintig extra vrachtwagens per dag nodig te hebben om dezelfde capaciteit en dienstverlening aan klanten te kunnen handhaven.
Dat betekent volgens Van Straalen een zeer forse stijging van de bedrijfskosten. Ook bestaat bij omrijden via Amsterdam een grotere kans op vertragingen door files en de al bestaande verkeersdruk rond de hoofdstad.
Daarnaast leiden de extra kilometers tot meer brandstofverbruik en daarmee tot een hogere CO₂-uitstoot.
Bruggen vertonen scheuren
Rijkswaterstaat voert de beperking in vanwege de technische staat van de bruggen bij de Houtribsluizen. Bij de beweegbare bruggen is scheurvorming aangetroffen in onderdelen van de staalconstructie. Ook de vaste bruggen zijn verouderd. Door zwaar verkeer te weren, moet verdere schade worden beperkt en moet de verbinding veilig beschikbaar blijven voor lichter verkeer.
De Houtribbruggen zijn inmiddels meer dan vijftig jaar in gebruik en zijn volgens Rijkswaterstaat aan vervanging toe. De gewichtsbeperking kan bovendien meerdere jaren van kracht blijven. Wanneer en op welke manier het complex volledig wordt vernieuwd, is nog onderwerp van besluitvorming.
Kosten uiteindelijk in hele keten voelbaar
Van Straalen wijst erop dat de financiële gevolgen uiteindelijk niet uitsluitend bij transportbedrijven terechtkomen. Hogere transportkosten kunnen volgens hem worden doorberekend binnen de logistieke keten en daarmee uiteindelijk gevolgen hebben voor de prijzen die bedrijven en consumenten betalen.
Ook zet hij vraagtekens bij de staat van de Nederlandse infrastructuur. Transportbedrijven dragen volgens hem via onder meer brandstofaccijnzen, motorrijtuigenbelasting en andere heffingen aanzienlijk bij aan de overheidsinkomsten.
De sector verwacht daarom dat belangrijke logistieke verbindingen tijdig worden onderhouden en dat bij ingrijpende verkeersmaatregelen nadrukkelijk naar de economische gevolgen wordt gekeken.
SVZ hoopt op tussenoplossing
SVZ hoopt dat Rijkswaterstaat samen met de transportsector onderzoekt of een werkbare tussenoplossing mogelijk is. Daarmee zou de economische schade voor vervoerders en opdrachtgevers volgens het bedrijf kunnen worden beperkt.
Rijkswaterstaat zegt zich bewust te zijn van de gevolgen voor ondernemers en vervoerders en hierover samen te werken met provincies en andere betrokken partijen. Zwaar verkeer wordt vanaf 21 oktober via verkeersborden langs onder meer de A6 en A7 naar alternatieve routes geleid.
Voor bedrijven als SVZ is de impact echter al concreet. Honderden wekelijkse ritten moeten opnieuw worden gepland en langere routes dreigen structureel onderdeel te worden van het transport vanuit Noord-Holland.
Als de beperking inderdaad meerdere jaren duurt, verandert daarmee volgens de transportondernemer niet alleen de dagelijkse planning, maar ook de kostenstructuur van goederenvervoer tussen West-Friesland, Flevoland en Oost-Nederland.


Tja doen de dijk werd gebouwd was er niet eens sprake van dat er zulke zware vrachtwagens over zouden gaan rijden. En de vrachtwagens werden niet alleen zwaarder en zwaarder maar er rijden ook veel meer over de dijk dat toen deze gebouwd werd.